Wedstrijdregels

Wedstrijdregels

 6 tegen 6

  1. De wedstrijden worden ge­speeld vol­gens de NEVO­BO-regels 2018-2019.
  2. Voor een goed verloop van het toernooi kan de wedstrijdleiding besluiten de puntentelling in een of meer poules aan te passen.
  3. De wed­strijden bestaan uit 2 sets, tenzij an­ders is ver­meld.
  4. De aanvang van de wed­strij­den wordt via de wed­strijdtent­ om­ge­roe­pen.
  5. Elk team dat niet op tijd op het speel­veld aanwezig is, ver­liest de wed­strijd als volgt:
  • Later dan 10 minu­ten na het om­roepen van de be­tref­fende wedstrijd op het wed­strijd­veld, ver­lies van 1e set met 25-0;
  • Later dan 15 minu­ten, ver­lies van beide sets met 25-0.
  1. Elk team zorgt zelf voor een de­ge­lijke vol­leybal en le­vert een scheidsrechter en tel­ler. De scheidsrechters halen na het om­roepen van de door hen te fluiten wed­strijd het wed­strijdfor­mu­lier op bij de wed­strijd­lei­ding, en leve­ren deze ook weer bij de wed­strijd­lei­ding in.
  2. Na het bereiken van de 25 punten wint het team dat het eerst de 27 punten bereikt, dan wel in een derde set de 17 punten bereikt;
  3. Eindigen in een poule ver­schil­len­de teams gelijk, dan bepaalt het setsaldo de volgorde. Is dit ook gelijk dan bepaalt het puntensaldo de volgorde. Is dit ook gelijk, dan bepaalt het lot (= de computer) de volgorde.
  4. In klassen of groepen, waar slechts in één poule wordt gespeeld, worden het resultaat van zaterdag en zondag bij elkaar opgeteld om tot de einduitslag te komen.
  5. In klassen of groepen, waarin twee of meerdere poules spelen, worden voor de wedstrijden op zondag, op zaterdagavond nieuwe poules samengesteld, op basis van de eindstanden van zaterdag.
  6. In klassen of groepen met meer dan 16 teams plaatsen de eerste 16 teams zich voor de kwartfinale (= 4 poules van 4 teams), de winnaars van deze poules spelen dan de halve finale( = 4 teams) en spelen daarna verder voor de 1-, 2-, 3-, en 4e plaats. De andere teams vanaf de 17e plaats spelen een halve competitie om de overige plaatsen.
  7. In één-daagse klassen of groepen met meerdere poules worden, indien mogelijk, (kruis)finales.
  8. De nethoogte bedraagt voor:
  • Dames: 2,24 m.
  • Heren: 2,43 m.
  • Gemengde Recreanten: 2,35 m.
  1. Protesten te­gen de be­slis­sin­gen van de scheids­rechter worden niet in be­hande­ling geno­men.
  2. De wedstrijdleiding kan beslissen van de wedstrijdregels af te wijken, als ze dat voor de voortgang van het toernooi noodzakelijk vindt.
  3. In gevallen waarin het re­gle­ment niet voor­ziet, be­slist de toer­nooi­or­gani­sa­tie i.s.m. de wedstrijdleiding.

3 tegen 3

In aanvulling op de algemene regels van het 6 tegen 6 spel, wordt 3 tegen 3 volleybal gespeeld door teams bestaande uit drie basisspelers, eventueel aangevuld met wisselspelers. De grootte van het speelveld bedraagt 7 x 7 m. Er wordt gespeeld volgens enigszins aangepaste internationale spelregels:

  1. “rally point” systeem tot 25 punten, tenzij de wedstrijdleiding voor een goed verloop van het toernooi anders beslist;
  2. Per wedstrijd (ook de kruiswedstrijden) worden twee sets gespeeld, tenzij de wedstrijdleiding anders beslist;
  3. De finale wordt “best of three” gespeeld met de derde set tot 15 punten;
  4. Na het bereiken van de 25 punten wint het team dat het eerst de 27 punten bereikt, dan wel in een derde set de 17 punten bereikt;
  5. Een vaste opstelling is niet vereist;
  6. De spelers dienen om beurten te serveren;
  7. Spelers mogen op de serveerplaats gewisseld worden. Het is niet noodzakelijk dat de uitgewisselde speler voor dezelfde speler wordt teruggewisseld. Er mogen maximaal zes spelerswisselingen per set plaats vinden.
  8. Teams die zich tijdens het toernooi terugtrekken diskwalificeren zich voor de einduitslag.

BEACHVOLLEYBAL (2 tegen 2)

Het beachvolleybal wordt gespeeld volgens de officiële spelregels van de:

NEVOBO – 2017 – 2020 van maart 2018.

De wedstrijden worden gefloten en geteld door de deelnemende teams. De teams bestaan uit twee spelers. De grootte van het speelveld bedraagt 8 x 8 m.

  1. Elk team zorgt zelf voor een degelijke beachvolleybal en levert een scheidsrechter en teller. De scheidsrechters halen na het omroepen van de door hen te fluiten wedstrijd het wedstrijdformulier op bij de wedstrijdleiding, en leveren deze ook weer bij de wedstrijdleiding in.
  2. De teams wisselen elke 7 gespeelde punten (set 1 en 2) en 5 gespeelde punten (set 3) van speelhelft.
  3. Per wedstrijd worden twee sets gespeeld, tenzij de wedstrijdleiding anders beslist;
  4. Er wordt gespeeld volgens het “rally point” systeem tot 21 punten in de eerste twee sets en tot 15 in een eventuele derde set, tenzij de wedstrijdleiding voor een goed verloop van het toernooi anders beslist.
  5. Na het bereiken van de 21 punten in de eerste twee sets of 15 punten in de derde set, wint het team de set dat het eerst de 23 dan wel in de derde set de 17 punten bereikt.
  6. De finale wordt “best of three” gespeeld met de derde set tot 15 punten;
  7. Er is geen middenlijn. Een speler mag in het veld van de tegenpartij komen, mits de tegenstander daardoor niet direct of indirect wordt gehinderd.
  8. Er mag vanachter de gehele achterlijn geserveerd worden. Er is slechts een opslagpoging. De spelers houden zelf de opslagvolgorde in de gaten. De niet serverende spelers mogen het zicht op de opslaande speler niet ontnemen.
  9. Een opslag wordt beschouwd als een boogbal.
  10. Een netservice is niet fout, het spel gaat’normaal’ door.
  11. De service mag bij 2×2 niet bovenhands (zacht) worden gepasst. Het bovenhands opvangen met een harde techniek is wel correct.
  12. Een bovenhandse bal welke de intentie heeft van een set-up (dit kan dus nooit de derde bal zijn), mag bij 2×2 niet over het net worden gespeeld.
  13. Bij 2×2 moet de bal tijdens de set-up stil liggen in de lucht.
  14. Ook de derde bal mag bij 2×2 niet bovenhands over het net gespeeld worden.
  15. De aanval mag bij 2×2 alleen met hard contact worden uitgevoerd (smash, geslagen boogbal, knokkels,vingertoppen, vuist, onderhands enz.) Het is dus niet toegestaan de aanval uit to voeren door middel van de push- of duwtechniek waarbij met de vingers richting wordt gegeven aan de bal.
  16. Alleen een hard geslagen bal mag ‘vies’ (langer of meervoudig contact) worden verdedigd. Een boogbal en een boogbal via de netrand of blok mag als niet hard geslagen bal worden beoordeeld. Een dergelijke rallypass mag dan ook met bovenhands (zacht) gespeeld worden. Het bovenhands opvangen met een harde techniek is altijd correct.
  17. Een blok telt bij 2×2 als spelen van de bal, dus na een blokaanraking mag de bal nog maximaal tweemaal gespeeld worden, waarbij degene die bij de blokkering de bal geraakt heeft ook de persoon mag zijn die de bal voor de tweede keer speelt.
  18. De zogenaamde holdball waarbij twee spelers aan het net proberen de bal naar elkaars veld te drukken, is bij beachvolleybal toegestaan. Na dit drukduel mag er door het team dat de bal aan hun kant krijgt nog 3 keer gespeeld worden.
  19. Het is bij beachvolleybal een goed gebruik om de scheidsrechter te informeren over in- en uitballen, touches, netfouten en dergelijke als de scheidsrechter dit zelf niet kan waarnemen.
  20. Tijdens de wedstrijden dient men gepaste kleding te dragen.
  21. Teams die zich tijdens het toernooi terugtrekken diskwalificeren zich voor de einduitslag.

WEDSTRIJDREGELS A, B en C jeugd

De wedstrijden van de A,B en C-jeugd worden gespeeld volgens de NEVOBO- regels voor senioren en boven genoemde 6 tegen 6 regels, behoudens:

Jeugd B (14-16 jaar):

  • nethoogte: jongens 2,24 m, meisjes 2,15 m

Jeugd C (12-14 jaar):

  • veld grootte 9x 7m
  • nethoogte, jongens en meisjes: 2,05 m

WEDSTRIJDREGELS CMV (mini’s, niveau 4, 5 en 6: Cool Moves Volley).

Het minitoernooi wordt gespeeld volgens de

NEVOBO spelregels 2017-2018 Volleybal 6-12 jaar.

De teams bestaan uit 4 spelers, waarbij zowel meisjes als jongens mogen worden opgesteld (mix teams). Bij een blessure of uitval mag met drie spelers worden doorgespeeld. De wedstrijden worden op tijd gespeeld en bestaan uit 2 sets van 10 minuten.

  • Niveau 4 (9 & 10 jaar)
  • Niveau 5 (10 & 11 jaar)
  • Niveau 6 (11 & 12 jaar)

De basisregels zijn als volgt:

Niveau 4

  1. Leeftijd: 9 – 10 jaar.
  2. Aantal spelers: 4 spelers per team.
  3. Veldafmeting: 6 x 4,5 meter.
  4. Nethoogte: 2 meter.

Hoofdregels

  1. Onderhandse opslag vanaf een willekeurige plaats achter de achterlijn.
  2. Het team moet de bal in drie keer spelen.
  3. De 2e bal wordt via de vanggooi of vangstoot beweging gegooid.
  4. Gewoon doordraaien.
  5. Na drie keer achter elkaar dezelfde serveerder een plek doordraaien.
  6. Puntentelling via rallypoint systeem.

Fouten

  1. Lopen/omdraaien met de bal bij vanggooi of vangstoot beweging.
  2. Te lang wachten met doorgooienvan de 2e bal.
  3. Aanraken van het net tijdens de spelsituatie.
  4. Passeren van lijn onder net.
  5. Smashen of blokkeren.
  6. Niet vanachter de achterlijn serveren.

Niveau 5

  1. Leeftijd: 10 – 11 jaar.
  2. Aantal spelers: 4 spelers per team.
  3. Veldafmeting: 6 x 6 meter.
  4. Nethoogte: 2 meter.

Hoofdregels

  1. Onderhandse opslag vanaf een willekeurige plaats achter de achterlijn.
  2. Er mag niet meer worden gevangen of gegooid.
  3. In maximaal drie keer de bal volleybaltechnisch goed spelen
  4. Gewoon doordraaien.
  5. Na drie keer achter elkaar dezelfde serveerder een plek doordraaien.
  6. Puntentelling via rallypoint systeem en bonuspunt voor 3 maal overspelen en de 3e bal is goed.

Fouten

  1. Te lang balcontact (onderhands met 2 handen bal over het net gooien).
  2. Aanraken van het net.
  3. Passeren van lijn onder net.
  4. Bovenhands opslaan.
  5. Niet vanachter de achterlijn serveren.

Niveau 6

  1. Leeftijd: 11 – 12 jaar.
  2. Aantal spelers: 4 spelers per team.
  3. Veldafmeting: 6 x 6 meter.
  4. Nethoogte: 2 meter.

Hoofdregels

  1. Service vanaf een willekeurige plaats achter de achterlijn, onderhands of bovenhands..
  2. In maximaal drie keer de bal volleybaltechnisch goed spelen
  3. Gewoon doordraaien.
  4. Na drie keer achter elkaar dezelfde serveerder een plek doordraaien.
  5. Puntentelling via rallypoint systeem.

Fouten

  1. Te lang balcontact.
  2. Aanraken van het net.
  3. Passeren van lijn onder net.
  4. Niet vanachter de achterlijn serveren.
Terug
nl_NL
de_DE nl_NL